GERARD and LEONARD VALK

(Gerard , Amsterdam 1652 – 1726 Amsterdam
Actief in Amsterdam 1670 – 1726, tijdelijk in London (1678?)

(Leonard, London 1675 – 1746 Amsterdam (?))

 

De Aard Globe, in cartouche:
Cosmotheore, Cælesti nostro Globo, Par, et plane Novus,

Hic Terrestri Ut ex isteret; …
Amstelredami,
Ao; 1700
Cum privilego

 

De Hemel Globe, in cartouche: Uranographia Caelum, omne hic complectens; …

et ad annum 1700 completum
MAGNO ab HEVELIO; …
GER, et LEON VALCK,
Amstelædamenses
Cum Privilegio

Bekijk de bijbehorende publicatie

Van deze tweede staat zijn er wereldwijd slechts drie paar bekend. De aardglobe en hemelglobe beide gedateerd 1700

 

Literatuur:

V.d. Krogt, Advertenties 179; V.d. Krogt, Globi Neerlandici, Val 1, no. 13 (dit paar, een van de 3 in staat 2); V.d. Krogt, Old Globes in the Netherlands, Val 16 & 19 (dit paar); cf. Yonge, Cat. Early Globes in the United States, p. 62, niet in Dekker, Globes at Greenwich.

Een paar aardse en hemelglobes, 23 cm in diameter, gegraveerd door Gerard Valk in 1700 en in hun huidige tweede staat uitgegeven door hem en zijn zoon tussen 1711 en 1726; in hun originele stand met ronde houten horizon ringen bedekt met bedrukt papier, ondersteund door vier poten, en messing meridiaan ringen ondersteund door een enkele zuil. Oud gekleurd en de sterren zijn met goud geaccentueerd.

 

De wereld is rond

Dat de middeleeuwers geloofden dat de wereld zo plat was als een pannenkoek en dat als een schip maar ver genoeg de zee op voer, het over de rand zou vallen – is een mythe die pas in de 19e eeuw vorm kreeg! Dat er al in de oudheid globes werden gemaakt waarop de hemel en de aarde waren afgebeeld, weten we uit schriftelijke bronnen. De productie van globes kwam echter pas echt op gang in de tijd van de grote ontdekkingsreizen. Vanaf het einde van de 16e eeuw werden globes aan boord van schepen meegevoerd. Het waren belangrijke hulpmiddelen bij de navigatie. In verschillende West-Europese landen werden globes gemaakt, maar Nederland domineerde de productie gedurende de hele 17e eeuw. Dit is eigenlijk geen verrassing, want de Republiek had zich ontwikkeld tot Europa’s grootste zeevarende natie en dus groeide de vraag naar globes. Bovendien bleven cartografen en astronomen nieuwe ontdekkingen doen, waardoor de globes moesten worden bijgewerkt. Cartografen, graveurs, timmerlieden en de eigenlijke globemakers werkten samen bij de vervaardiging van de globes. Vanaf het allereerste begin waren globes duur. Ze werden dan ook met zorg behandeld, en het is alleen hun enorme kwetsbaarheid voor beschadigingen die ertoe heeft bijgedragen dat er uit die periode zo weinig bewaard zijn gebleven.

De meeste globes die thans in de handel verkrijgbaar zijn, zijn 19de-eeuwse of zelfs 20ste-eeuwse kopieën die in geen enkel opzicht kunnen wedijveren met de prachtige globes van weleer.

 

Gerard en Leonard Valk: beroemde 18de-eeuwse globemakers

In het onlangs verschenen boek Globes in Nederland, de Wereld in het klein van Diederick Wildeman, uitgegeven door Walburg Pers, wordt de periode waarin de familie Valk aan het werk was, het tijdperk van de Valks genoemd. Gerard Valk, een Amsterdammer, was uitgever en graveur. Hij en zijn zoon Leonard werden de belangrijkste globe-makers van hun tijd. Vooral het graveerwerk stond bekend om zijn superieure kwaliteit. De eerste voorbeelden van Gerard Valk’s aardglobes tonen een beeld van de wereld dat verouderd was. Californië bijvoorbeeld is afgebeeld als een eiland en de kusten van Australië, Nieuw Guinea en Nieuw Zeeland ontbreken. De aardglobe was gebaseerd op de kaart van Cassii uit 1698, terwijl voor de hemelglobe Hevelius’ Uranographia uit 1690 als voorbeeld werd gebruikt. De tweede staat – de onze – werd aangepast en heeft een herziene kaart van de wereld, getekend door Leonard Valk, die van 1711 tot 1726 met zijn vader samenwerkte. Leonard overleed in 1746, maar dat betekende niet het einde van de globesmakerij: zijn weduwe zette het bedrijf voort met haar broer Petrus en diens zoon. Zij maakten geen nieuwe globes meer, maar verkochten de oude voorraad. Aan het eind van de 18e eeuw hadden zij er genoeg van en verkochten de globeszaak aan de uitgeverij Mortier, Covens & Zoon.

 

Het maken van globes

Vóór 1680 bestond er eigenlijk geen geschreven handleiding voor het maken van globes.

De vaardigheid werd in de praktijk geleerd. Het moeilijkste deel was de bolvorm. Een half bolvormige mal van hout of metaal werd ingesmeerd met vet of olie en vervolgens bedekt met vele lagen papier-maché. De kunst was om de buitenkant zo glad mogelijk te houden. Toen beide helften klaar waren, werd een houten as aangebracht en werden de helften samengebracht. De bol had nu zijn definitieve vorm en een laatste laag gips zorgde voor het vereiste gladde oppervlak waarop de segmenten van de kaart werden aangebracht. Dit laatste was zeer nauwgezet en tijdrovend werk omdat de lange stroken van de kaart tot op de millimeter nauwkeurig in elkaar moesten passen. Nadat de kaart geheel of gedeeltelijk was ingekleurd, werd ter bescherming een laag vernis aangebracht. De meridiaan ring rond de wereldbol werd gedragen door een enkele centrale kolom.

GERARD and LEONARD VALK

Scroll naar top